Created by CdWDesign

 

  Terug
Home
Nieuws
Integrale Yoga
Cursus info
Literatuur
Feiten
Acupunctuur
Meditatie
Asana's
Contact
Gastenboek
Route
Links
Liefde is ?

Acupunctuur

Beschrijving loop van de acupunctuurmeridianen.

(xx-xx; xxp geeft aan de maximaaltijd en het aantal punten van betreffende meridiaan. Een sun is de afstand tussen het einde van de buigplooien van het tweede kootje van de middelvinger.)

Longmeridiaan (03-05; 11p),
De meridiaan begint met het eerste punt onder het sleutelbeen, 6 sun van de mediaanlijn en ca. 10 cm boven de tepel, gaat dan iets naar boven, buigt over de okselplooi heen. Loopt over de voorzijde van de bovenarm, de elleboogsplooi en de handpalm zijde van de onderarm verder over de spaakbeenslagader naar zijn eindpunt, dat gelegen is aan de spaakbeenzijde van de nagelhoek van de duim.
(longmeridiaan loopt t.o.v. de kringloopmeridiaan buiten langs, heeft als het ware de grootste straal);

Dikke-darmmeridiaan (05-07; 20p),
De meridiaan begint bij de nagelhoek aan de spaakbeenzijde van de wijsvinger, gaat dan over de rugzijde van de hand, loopt over de hoek, die gevormd wordt door de middenhandsbeentjes 1 + 2, en vervolgt zijn weg over de radiale zijde van de onderarm. Passeert het radiale uiteinde van de elleboogsplooi, gaat langs de buitenzijde van de bovenarm over de voorkant van het schoudergewricht langs de hals, kruist boven de bovenlip en eindigt in een kuiltje op de neusvleugelplooi.

Maagmeridiaan (07-09; 45p),
Begint recht onder de pupil op de rand van het onderste ooglid, loopt loodrecht naar beneden tot mondhoek, loopt om onderlip langs naar punt midden tussen kin en onderlip, loopt dan via kaak langs oor "naar zijkant haargrens/zijkant van de schedel" waar hij eindigt met punt Ma8. Uit het gedeelte van de meridiaan, dat langs de onderkaak loopt splits halverwege een tak af die naar beneden loopt via hals, stukje sleutelbeen, via borst, buiten langs tepel, over buik tot het schaambeen, via lies, midden over dijbeen, knie, scheenbeen, midden over bovenzijde voet naar nagelhoek v/d tweede teen aan de kant van de derde teen (kuitbeenzijde).

Milt-Pancreasmeridiaan (09-11; 21p),
De meridiaan begint met het eerste punt, dat ligt aan de nagelhoek gelegen aan de binnenzijde van de grote teen, gaat dan langs de binnenzijkant van de voet voor de binnenenkel langs naar boven, via binnen zijkant onderbeen, via binnen zijkant knie, midden over binnen zijde dijbeen, via lies, via grens buik / flank romp (springt tussen Mi15 en Mi16 inwendig tot vlak bij RM20, net boven navel), via grens borst / flank romp (bij een vrouw makelijk te volgen nl. direct om de buitenzijde van de borst heen) naar een punt, dat ligt op de eerste aan de voorzijde gelegen oksellijn in de tweede tussenrib ruimte (hoogste punt Mi20), buigt dan weer naar beneden en eindigt in de zesde tussenrib ruimte (Mi21).

Hartmeridiaan (11-13; 9p),
Het eerste punt ligt aan de onderste rand van de derde rib in de verticale lijn, de meridiaan loopt dan iets omhoog en gaat op de binnenzijde van de onderarm naar beneden en dan via de bolle knobel aan de buitenzijde van het opperarmbeen en de handpalm zijde van het polsgewricht naar de nagelhoek aan de spaakbeenzijde (ringvingerzijde) van de pink.

Dunne-darmmeridiaan (13-15; 19p),
De meridiaan begint aan de ellepijp hoek (buitenkant) van de pinknagel, loopt omhoog langs de ellepijp zijde van de hand naar de binnenzijde van de elleboog, gaat dan via de rugzijde van de bovenarm en het schouderblad naar de hals en via het jukbeen naar een kuiltje voor het klepje aan de voorste rand van de oorschelp van het oor.

Blaasmeridiaan (15-17; 67p),
De meridiaan begint aan de mediale ooghoek, gaat dan via het voorhoofd over de schedel naar het achterhoofd en deelt zich, ter hoogte van de tweede halswervel, in twee takken. De mediale tak loopt op een afstand van 1,5 sun naast de mediaanlijn loopt via de binnenkant bil, via midden achterkant dijbeen naar midden knieholte. De tweede tak loopt 1,5 sun meer zijwaards (lateraal) dan de eerste tak, loopt over het grensvlak bil / heup tot punt midden zijkant heup en van daar schuin naar punt midden knieholte en beide takken kruisen elkaar op de achterzijde van het bovenbeen en verenigen zich in de knieholte. Van dit punt loopt hij midden over kuit tot op 2/3 van de knieholte, springt dan iets naar buiten en vervolgt over achter zijkant onderbeen, via hiel onder enkel door, langs zijkant voet tot op de buitenkant van de nagelwortel van de kleine teen.

Niermeridiaan (17-19; 27p),
De meridiaan begint op de voetzool, in de V-vormige spierbal die zichtbaar wordt bij het krommen van de tenen, en gaat dan langs de binnenkant van de voet, beschrijft achter en onder de binnenenkel een cirkel en gaat dan naar boven tussen scheen been en achillespees, langs de binnenkant van het onderbeen omhoog. De meridiaan passeert de knieholte tussen de pees van de kleermakerspier (dijspier) en de halfpezigespier, gaat langs de binnenzijde van het bovenbeen naar de liesstreek. naar bilplooi, via bovenste rand schaambeen, inwendig naar punt buikzijde iets uit midden ter hoogte van schaamhaargrens, vervolgens iets uit het midden horizontaal naar boven tot middenrif, springt dan iets naar buitenkant toe om vervolgens weer horizontaal naar boven over de buik te lopen echter dan gepositioneerd midden tussen borstbeen en tepel (tussen de mediaanlijn en de maagmeridiaan), loopt vandaar over de thorax naar het eindpunt op het borstbeen-sleutelbeengewricht.

Kringloopmeridiaan (19-21; 9p),
De meridiaan begint in de vierde tussenribruimte, 1 sun terzijde van de tepellijn (ca. 2 cm buiten zijwaards van de tepel) , loopt vandaar met een boog over de okselplooi heen, gaat dan centraal op de binnenkant van de bovenarm naar beneden, kruist het midden van de elleboogplooi en gaat aan de palmzijde van de hand naar de nagelhoek aan de spaakbeenzijde van de middelvinger.

Drievoudige verwarmer meridiaan (21-23; 23p),
De meridiaan begint bij de nagelhoek aan de ellepijpzijde (pinkzijde) van de ringvinger, loopt over de rugzijde van de hand tussen de middenhandsbeentjes IV en V, via de dorsale zijde van de pols, verder centraal over de bovenzijde van de onderarm als de arm gestrekt is met de handpalm naar beneden, via de elleboogpunt en midden over de achterzijkant van de bovenarm, via schouder en zijkant hals naar onderkant oorschelp (het tepelvormig uitsteeksel van het slaapbeen), achter langs om oorschelp heen tot punt tussen de buitenste oorrand en het stukje kraakbeen aan de voorzijde van de uitwendige gehoorgang daar waar men de slagader voelt kloppen, naar het uiteinde van de geul die het verlengde van de wenkbrauw vormt, 3V23 aan de zijkant van de wenkbrouw, ca. 1 cm boven Ga1.

Galblaasmeridiaan (23-01; 44p),
Begint in de botholte op 1 cm van de buitenhoek van het oog (Ga1), loopt naar onderste punt van het oor (Ga2) , vervolgens terug tot midden in de holte onder de boog van het jukbeen (Ga3), verder naar boven tot bij de haargrens op de slaap waar de spieren voelbaar zijn tijdens het kauwen (Ga4), vervolgens naar beneden tot voor de oorschelp en de haargrens in de holte die ontstaat bij geopende mond (Ga7), beschrijft ruime boog om oorschelp heen tot ter hoogte halverwege oorschelp, achter en onder de processus mastoideus ofwel tepelvormig uitsteeksel van het slaapbeen, kortweg mastoideus (Ga12), vervolgens via een ruime 3/4 boog over boven zijkant schedel naar punt op 2 cm boven wenkbrauw loodrecht boven pupil (Ga14) (baan van Ga7 t/m Ga14 is sikkelvormig), vervolgens over bovenkant schedel en achterkant schedel evenwijdig aan centrale lijn, via Ga20 gelegen onder de onderste rand van het achterhoofdsbeen (os occipitale), achter de mastoideus (het tepelvormig uitsteeksel van het slaapbeen), lateraal (zijwaards) van de aanhechting van de m. trapezius langs achterzijkant nek, via boven achterkant schouder tot midden op schouder (Ga21), vervolgens via okselplooi loodrecht naar beneden tot ca 6 cm onder oksel op flank in de vierde tussenribruimte (Ga22), vervolgens inspringend naar punt ter hoogte van milt op de as van de verticale tepellijn (Ga24) in de zevende tussenribruimte, uitspringend naar een punt aan de rug zijde van de taille (Ga25) aan de onderrand van het vrije uiteinde van de 12e rib, vervolgens naar het hoogste punt van het heupgewricht (Ga27), rand heupgewricht volgend tot kuiltje midden zijkant bil (Ga30), vervolgens weer terug midden over zijkant bovenbeen, via midden zijkant knie (Ga33), over buitenzijkant onderbeen, boven langs buitenenkel (Ga40), zijkant wreef, via Ga43 gelegen tussen 4e en 5e middenvoetsbeentjes, over de boven zijkant van de 4de teen aan de kleine teen kant, tot de nagel van de vierde teen aan de kant van de kleine teen (Ga44).

Levermeridiaan (01-03; 14p),
Deze meridiaan begint met het eerste punt (Le1) aan de nagelhoek aan de binnenzijde van de grote teen, loopt dan aan de buitenzijkant over de rugzijde (bovenkant) van de voet, bovenlangs de binnenenkel (Le4), langs de binnenkant van het onderbeen, via de binnenzijkant van het kniegewricht via de binnenzijkant van het bovenbeen naar de lies (Le12). De meridiaan maakt een boog om de geslachtsorganen, loopt over de buikwand naar
Le13 aan de onderrand van het vrije uiteinde van de 11e rib en eindigd tenslotte in het laatste punt Le14, dat gelegen is in de ruimte tussen zesde en zevende rib 4 cun zijwaards van de ventrale (buik) mediaanlijn, caudaal (onder) van de tepel.